Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

ECLI:NL:RBDHA:2026:15432

kort geding. straat- en contactverbod

Rechtbank Den Haag 6 July 2026

Jurisprudentie – Uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:15432 text/xml public 2026-07-06T09:03:13 2026-06-08 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-03-03 C/09/698180 / KG ZA 26-74 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Kort geding NL Den Haag Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:15432 text/html public 2026-07-06T09:02:24 2026-07-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:15432 Rechtbank Den Haag , 03-03-2026 / C/09/698180 / KG ZA 26-74
kort geding. straat- en contactverbod
Rechtbank den haag
Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/698180 / KG ZA 26-74

Vonnis in kort geding van 26 februari 2026

in de zaak van

[de vrouw] te [woonplaats] ,

eiseres,

advocaat mr. J.M.G. Hulsman te Delft ,

tegen:

[de man] te [woonplaats] ,

gedaagde,

niet verschenen.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘de vrouw’ en ‘de man’.
<nr>1</nr>De procedure 1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties;

- de op 17 februari 2026 gehouden mondelinge behandeling.
1.2.
Tegen de man is verstek verleend, nu hij, hoewel hij goed is opgeroepen, ter zitting niet is verschenen.
<nr>2</nr>De feiten
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
2.1.
Partijen hebben een relatie gehad en hebben samengewoond van 2018 tot medio 2025.
2.2.
Zij zijn de ouders van de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedatum]

2023.
<nr>3</nr>Het geschil 3.1.
De vrouw vordert – zakelijk weergegeven –:

- de man voor een periode van een half jaar te verbieden direct of indirect

contact met haar en haar familie en vrienden op te nemen, middels

tekstberichten, al dan niet anonieme telefoons, via social media of op welke

manier dan ook:

- de man voor een periode van een halfjaar te verbieden zich te bevinden

binnen twee kilometer van [adres 1] te [plaats] en de school van [minderjarige] , gevestigd aan de [adres 2] te [plaats] , dan wel op welke manier ook de vrouw te volgen of zich binnen een afstand van twee kilometer te bevinden, ook als zij onderweg is naar werkzaamheden, school of elders;

- vast te stellen dat enige overtreding van deze verboden direct zal leiden tot

melding aan de politie en aan te geven dat bij een overtreding van

deze gedragingen de hulp van de sterke arm kan worden ingeroepen ter

handhaving,

dit alles uitvoerbaar bij voorraad met veroordeling van de man in de (reële) proceskosten.
3.2.
Daartoe voert de vrouw – samengevat – het volgende aan.

De vrouw verkeert in een kwetsbare situatie door een combinatie van lichamelijke

aandoeningen en ernstige financiële problemen. Ze draagt vrijwel volledig de zorg

voor [minderjarige] . De vrouw ontvangt ondersteuning van het sociaal team van de gemeente. De veiligheid in haar thuisomgeving wordt steeds verder bedreigd door het herhaaldelijk ongevraagd langskomen van de man en het frequent contact zoeken. Dit gedrag moet onmiddellijk stoppen. Daarom verzoekt de vrouw om de man een contact- en straatverbod op te leggen. Indien de stalking en bedreigingen, zowel fysiek als via onophoudelijk contact per telefoon of e-mail, doorgaan, komt de veiligheid van de vrouw en [minderjarige] ernstig in gevaar. De politie is op de hoogte van de situatie en kan, met de handhaving van een contact- en straatverbod, de situatie stabiliseren door gerichte interventies.
3.3.
De man is niet in de procedure verschenen en heeft dus geen verweer gevoerd.
<nr>4</nr>De beoordeling van het geschil 4.1.
De vordering van de vrouw betreffende een straatverbod en een contactverbod jegens haar komt de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor, maar zal wel beperkt worden toegewezen op de navolgende wijze.
4.2.
Het straatverbod zal worden beperkt tot een verbod voor de man zich in de straat waar de vrouw woont ( [straatnaam] te [plaats] ) te bevinden en tot een verbod zich binnen een straal van 100 meter afstand van de school van [minderjarige] ( [adres 2] , [plaats] ) te bevinden. Dit beperkte straatverbod doet enerzijds recht aan het belang van de man zich nog wel in zijn eigen woonomgeving te kunnen ophouden, (ter zitting is gebleken is dat de man slechts op twee kilometer afstand van de vrouw woont) en anderzijds aan het belang van de vrouw om rust te krijgen. Het verbod de vrouw elders te volgen is eveneens toewijsbaar. Het gevorderde verbod voor de man binnen een straal van 2 km van de vrouw te komen waar zij zich ook bevindt, zal worden afgewezen. Dat is een te grote beperking van de vrijheid van de man en onnodig voor de veiligheid en rust van de vrouw in het licht van het op te leggen straat- en contactverbod.
4.3.
Het contactverbod zal worden toegewezen voor zover het ziet op contact van de man met de vrouw. Daarbij tekent de voorzieningenrechter aan dat door hulpverlening geïnitieerd en/of begeleid contact tussen partijen vanzelfsprekend buiten het verbod valt. Daarbij wordt nog opgemerkt dat het in beginsel in het belang van [minderjarige] is om contact te onderhouden met zijn vader, maar dat dit contact onder de gegeven omstandigheden niet langer onder begeleiding van de vrouw kan plaatsvinden. Gebleken is dat er al diverse hulpverlening betrokken is bij het gezin, waaronder [instantie] . De vrouw heeft ter zitting aangegeven zich te zullen aanmelden bij [instantie] voor begeleide omgang tussen de man en [minderjarige] . De vrouw heeft verder te kennen gegeven bereid te zijn haar informatieplicht jegens de man na te blijven komen. De voorzieningenrechter gaat er daarbij van uit dat de vrouw die informatieverstrekking voorlopig schriftelijk, dan wel via de hulpverlening zal laten plaatsvinden, zodat direct contact tussen partijen wordt voorkomen.
4.4.
Voor zover de vordering van de vrouw ziet op een verbod voor de man om contact te leggen met derden zal die worden afgewezen, nu deze derden geen partij zijn bij deze procedure. Dat laat onverlet dat van de man mag worden verwacht dat hij niet via derden alsnog contact met de vrouw probeert te krijgen.
4.5.
De vordering te bepalen dat een overtreding van de opgelegde verboden kan leiden tot politie interventie zal bij gebrek aan belang worden afgewezen. Ook zonder die expliciete bepaling kan de politie immers worden ingeschakeld indien de man de hem in dit vonnis opgelegde verboden overtreedt.
4.6.
In de omstandigheid dat partijen ex-partners zijn, wordt aanleiding gevonden te

bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
<nr>5</nr>De beslissing
De voorzieningenrechter:
5.1.
verbiedt de man voor een periode van een half jaar direct of indirect contact op te

nemen met de vrouw, middels tekstberichten, al dan niet anonieme telefoons, via social media of op welke manier dan ook, tenzij het contacten betreft die worden geïnitieerd en/of begeleid via de hulpverlening;
5.2.
verbiedt de man voor een periode van een half jaar zich te bevinden in [straatnaam]

te [plaats] en binnen een straal van 100 meter van de school

van [minderjarige] , gevestigd aan de [adres 2] te [plaats] ;
5.3.
verbiedt de man voor een periode van een half jaar de vrouw te volgen;
5.4.
bepaalt dat iedere partij de eigen kosten draagt;
5.5.
wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.J. Hoekstra-van Vliet en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2026.

PH

Artikel delen