ECLI:NL:RBDHA:2026:21045
Luchtvaartzaak.
Rechtbank Den Haag 17 August 2026
Jurisprudentie – Uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:21045
text/xml
public
2026-08-17T16:25:19
2026-07-27
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Den Haag
2026-07-21
10282280 RL EXPL 23 - 775
Uitspraak
Eerste aanleg - enkelvoudig
NL
Den Haag
Civiel recht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:21045
text/html
public
2026-08-17T16:24:43
2026-08-17
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:21045 Rechtbank Den Haag , 21-07-2026 / 10282280 RL EXPL 23 - 775
Luchtvaartzaak.
RECHTBANK
DEN HAAG
Kantonrechter, zittingsplaats 's-Gravenhage
CB/c
Rolnummer: 10282280 RL EXPL 23 – 775
21 juli 2026
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
1 [eiser] , wonende te [woonplaats] ,
2. [eiseres], wonende te [woonplaats] ,
eisende partijen,
hierna te noemen: ‘ [eisers] c.s.’ of ‘de passagiers’,
gemachtigde: mr. IR.A.C. Telkamp (EUclaim),
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TUI Airlines Nederland B.V.,
gevestigd te Oude Meer en kantoorhoudende te Rijswijk,gedaagde partij,
hierna te noemen: TUI,
gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD).
1Het procesverloop
1.1
De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
de dagvaarding van 11 oktober 2023 met zes producties (nrs. 1 tot en met 6);
de conclusie van antwoord van 25 oktober 2023 met vijf producties (nrs. 1 tot en met 5);
de conclusie van repliek van 12 december 2023 met elf producties (nrs. 7 tot en met 17);
de conclusie van dupliek van 28 april 2026.
1.2
Bij brief van 29 mei 2026 heeft de griffie partijen op de hoogte gesteld dat de kantonrechter op 21 juli 2026 vonnis zal wijzen. Partijen hebben zich daarop niet gemeld met het verzoek tot het houden van een mondelinge behandeling, zodat op basis van de gewisselde processtukken vonnis zal worden gewezen.
1.3
Dit vonnis wordt vandaag uitgesproken.
2De feiten
2.1
[eisers] c.s. hadden een boeking voor TUI-vlucht OR 596 van Malaga Airport, Spanje naar Amsterdam-Schiphol Airport (Nederland) op 1 juni 2021. De schema-vertrektijd uit Malaga was 13:45 uur en de schema-aankomsttijd in Amsterdam was 17:05 uur.
2.2
TUI heeft vlucht OR 596 op 1 juni 2021 geannuleerd.
2.3
TUI heeft [eisers] c.s. een vervangende vlucht aangeboden met Transavia met een vertrektijd uit Malaga van 21:05 uur op 1 juni 2021.
2.4
[eisers] c.s. hebben zelf een vlucht geboekt bij Vueling Airlines en zijn met vlucht VY 8365 en deze vlucht is op 1 juni 2021 om 11:53 uur uit Malaga vertrokken en om 14:29 uur in Amsterdam gearriveerd.
2.5
De passagiers zijn 2:36 uur eerder in Amsterdam gearriveerd dan de schema-aankomsttijd van vlucht OR 596.
2.6
De vluchtafstand Malaga - Amsterdam bedraagt 1.885 kilometer.
3De vordering
3.1
[eisers] c.s., vorderen bij vonnis, voor zover de wet zulks toelaat uitvoerbaar bij voorraad, (I.) TUI te veroordelen tot betaling van het bedrag ad € 400,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf dinsdag 1 juni 2021, althans vanaf de datum ingebrekestelling dan wel vanaf de datum van betekening van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening; (II.) TUI te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten begroot op € 90,75 dan wel begroot op € 72,60 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf maandag 21 juni 2021 dan wel vanaf de datum van betekening van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening; (III.) TUI te veroordelen in de kosten van de procedure en de nakosten van het te wijzen vonnis, te vermeerderen met de wettelijke rente over voornoemde kosten vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis.
3.2
Aan hun vordering leggen [eisers] c.s. ten grondslag dat Europese regelgeving en jurisprudentie, meer in het bijzonder de EU-verordening 261/2004 (hierna; ‘de Verordening’) en (onder meer) de arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 22 december 2008 (C-549/07, Wallentin-Hermann-arrest), van 19 november 2009 (C-402/07, Sturgeon-arrest) hen recht geven op een vergoeding van € 200,00 per persoon in verband met de annulering van hun vlucht van Malaga naar Amsterdam op 21 juni 2021.
4Het verweer
4.1
TUI voert gemotiveerd verweer tegen de vordering van [eisers] c.s. Het verweer komt erop neer dat TUI de vlucht heeft moeten annuleren in verband met de corona-pandemie die tot een negatief reisadvies naar en van Spanje leidde, dat de passagiers bewust toch de betreffende vlucht hebben geboekt in de wetenschap dat deze geannuleerd zou kunnen worden en dat TUI de passagiers een redelijk alternatief heeft geboden. Dat de passagiers niettemin ervoor gekozen hebben een vlucht bij een andere luchtvaartmaatschappij te boeken is hun eigen keuzen geweest.
5De beoordeling
5.1
De Verordening en de daarop gebaseerde jurisprudentie beoogt de passagier als consument van door een luchtvaartmaatschappij aangeboden diensten bescherming te bieden tegen annulering van vluchten en de met annulering gelijkgestelde vertragingen, die een bepaalde tijdsduur overschrijden. Deze bescherming vertaalt zich in bepaalde gefixeerde schadevergoedingen en andere verplichtingen, zoals verzorging en, indien aan de orde, overnachtingen. Als uitgangspunt is de luchtvaartmaatschappij gehouden een bepaalde aan de vluchtafstand gerelateerde vergoeding aan de passagier te betalen in geval van een annulering van een vlucht of een vertraging van meer dan drie uur. Deze verplichting lijdt uitzondering, indien de luchtvaartmaatschappij zich met succes op een bijzondere omstandigheid kan beroepen, die als oorzaak voor de vertraging heeft te gelden.
5.2
In deze procedure staat vast dat TUI vlucht OR 596 op 1 juni 2021 heeft geannuleerd.
5.3
Teneinde de aanspraak van de passagiers op de vergoeding als gevolg van de annulering te weerleggen stelt TUI dat de vlucht was geannuleerd als gevolg van negatieve reisadviezen in verband met de corona-pandemie, waardoor tot 1 juli 2021 het reisadvies voor reizen naar Spanje negatief luidde, dat de passagiers niettemin in de periode dat het reisadvies negatief luidde de vlucht hebben geboekt, waarbij zij erop zijn gewezen dat de vlucht als gevolg daarvan onder voorbehoud van wijzigingen was. Tenslotte heeft TUI aan de passagiers een vlucht met een andere luchtvaartmaatschappij aangeboden, waardoor hun aankomstvertraging minimaal zou zijn.
5.4
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft TUI ten opzichte van de gemotiveerd onderbouwde stelling van de passagiers onvoldoende onderbouwd dat op de betreffende datum de betreffende vlucht niet kon worden uitgevoerd als gevolg van buitengewone omstandigheden. Alleen al het argument van de passagiers (zie punt 16 van de conclusie van repliek) dat op of omstreeks 1 juni 2021 vele vluchten door luchtvaartmaatschappijen werden uitgevoerd tussen Spanje en Nederland tonen aan dat het uitvoeren van vluchten niet werd beïnvloed door het negatief reisadvies dat destijds blijkbaar nog van kracht was. Meer in het bijzonder blijkt dat ook uit het feit dat de passagiers op dezelfde dag met een andere luchtvaartmaatschappij hebben gevlogen en het feit dat TUI nota bene op die dag een vervangende vlucht aanbood met een andere luchtvaartmaatschappij ontkrachten TUI’s stelling dat sprake was van buitengewone omstandigheden.
5.5
Dat de passagiers de betreffende vlucht hebben geboekt in de periode dat een negatief reisadvies van kracht was en zij bij het boeken opmerkzaam zijn gemaakt op mogelijke wijzigingen in vluchtschema’s als gevolg van de corona-pandemie maakt dat niet anders. Enerzijds was het TUI zelf die voor de betreffende periode vluchten aanbood. Anderzijds maakt dat een negatief reisadvies voor passagiers niet dat het een luchtvaartmaatschappij niet toegestaan zou zijn een vlucht uit te voeren. Inderdaad lopen passagiers die onder die omstandigheden een vlucht boeken dat de omstandigheden zodanig wijzigen dat reizen niet meer mogelijk is en dat zou dan voor risico van de passagiers kunnen zijn. Het is overigens TUI zelf die stelt dat in de corona-periode ‘ghost flights’ werden uitgevoerd, vluchten zonder passagiers die werden uitgevoerd enkel en alleen om geen landingsrechten te verliezen.
5.6
Dat tijdens de corona-pandemie vluchten nagenoeg leeg zouden blijven kan zo zijn, maar zodra een luchtvaartmaatschappij besluit om niettemin vluchten aan te bieden, dan sluit zij daarmee vervoersovereenkomsten met passagiers, die hen de gebruikelijke rechten geen ten opzichte van de luchtvaartmaatschappij in geval van annulering of vertraging. Bovendien toont dit aan dat zelfs tijdens reisverboden in de corona-periode het uitvoeren van vluchten nog mogelijk was.
5.7
Tenslotte is niet gebleken dat TUI de vlucht in overeenstemming met artikel 5 lid 1 onder c.i. en c.ii. uiterlijk zeven dagen voor de betreffende vlucht een alternatief heeft aangeboden. Bovendien valt de vlucht die TUI heeft aangeboden buiten de in dat artikel genoemde parameters.
5.8
Al met al is daarom de slotsom dat TUI gehouden is de gevorderde vergoeding aan de passagiers te betalen. Het voorgaande geldt eveneens voor de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten, die zullen worden toegewezen tot een bedrag van€ 72,60 (15% van € 400,-, vermeerderd met 21% BTW) en de wettelijke rente vanaf 11 oktober -*/2022 en voor de proceskosten, inclusief de nakosten, als na te melden.
6De beslissing
De kantonrechter:
- veroordeelt TUI tot betaling aan [eisers] c.s. van een bedrag van € 476,20, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 400,00 vanaf 21 juni 2021 en over een bedrag van € 76,20 vanaf de dag van de dagvaarding, in beide gevallen tot de dag van algehele voldoening;
- veroordeelt TUI in de proceskosten aan de zijde van [eisers] c.s., begroot op een bedrag van € 428,53 te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als TUI niet tijdig aan de veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. C.W.D. Bom en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 juli 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.
Alle tijden in dit vonnis zijn lokale tijden, tenzij anders vermeld.