Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

ECLI:NL:RBROT:2026:7467

Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De wetgever heeft gekozen voor een tegemoetkoming aan de kinderen van gedupeerde ouders, waarvan de hoogte alleen afhankelijk is van de leeftijd van het kind. Het is niet aan de rechter om te beoordelen of deze regelgeving anders zou moeten luiden. De Dienst Toeslagen heeft de hoogte van de tegemoetkomingen juist vastgesteld op grond van de Wht. Beroepen ong...

Rechtbank Rotterdam 29 June 2026

Jurisprudentie – Uitspraken

ECLI:NL:RBROT:2026:7467 text/xml public 2026-06-29T09:04:31 2026-06-26 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2026-06-09 ROT 24/2316, ROT 24/4504, ROT 24/4542, ROT 24/5098, ROT 24/2390, ROT 24/2730 e.v. Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Rotterdam Bestuursrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:7467 text/html public 2026-06-26T11:34:04 2026-06-29 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2026:7467 Rechtbank Rotterdam , 09-06-2026 / ROT 24/2316, ROT 24/4504, ROT 24/4542, ROT 24/5098, ROT 24/2390, ROT 24/2730 e.v.
Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De wetgever heeft gekozen voor een tegemoetkoming aan de kinderen van gedupeerde ouders, waarvan de hoogte alleen afhankelijk is van de leeftijd van het kind. Het is niet aan de rechter om te beoordelen of deze regelgeving anders zou moeten luiden. De Dienst Toeslagen heeft de hoogte van de tegemoetkomingen juist vastgesteld op grond van de Wht. Beroepen ongegrond.
RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht

zaaknummers: zie de bijlage bij deze uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 juni 2026 in de zaken tussen
de in de bijlage bij deze uitspraak genoemde personen, eisers

(gemachtigde: mr. N. Köse-Albayrak),

en
Dienst Toeslagen
(gemachtigde: [gemachtigde] ).
Samenvatting
1. Eisers zijn kinderen van gedupeerde ouders in de toeslagenaffaire. De Dienst Toeslagen heeft aan hen een tegemoetkoming toegekend tussen de € 2.000,- en € 10.000,- op grond van artikel 2.10 van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). Volgens eisers doet deze tegemoetkoming geen recht aan het leed dat zij hebben geleden. De rechtbank overweegt dat het duidelijk is dat de kinderen van gedupeerde ouders in de hersteloperatie ook getroffen zijn door de ingrijpende gevolgen van het onrechtmatige handelen door de Dienst Toeslagen. De wetgever heeft gekozen voor een tegemoetkoming aan de kinderen van gedupeerde ouders, waarvan de hoogte alleen afhankelijk is van de leeftijd van het kind. Het is niet aan de rechter om te beoordelen of deze regelgeving anders zou moeten luiden. De Dienst Toeslagen heeft de hoogte van de tegemoetkomingen juist vastgesteld op grond van de Wht. De beroepen zijn ongegrond.
<?linebreak?>Procesverloop
2. Met de in de bijlage bij deze uitspraak vermelde besluiten (de primaire besluiten) heeft de Dienst Toeslagen aan eisers een tegemoetkoming toegekend op grond van artikel 2.10 van de Wht.
2.1.
Met de in de bijlage bij deze uitspraak vermelde besluiten (de bestreden besluiten) heeft de Dienst Toeslagen de bezwaren van eisers tegen de primaire besluiten ongegrond verklaard.
2.2.
Eisers hebben beroepen ingesteld tegen de bestreden besluiten.
2.3.
De rechtbank heeft de zaken van eisers gevoegd.
2.4.
Partijen hebben de rechtbank laten weten dat zij geen behoefte hebben aan een zitting. De rechtbank heeft bepaald dat een zitting achterwege blijft en het onderzoek gesloten.
Beoordeling door de rechtbank
Totstandkoming van de bestreden besluiten

3. Eisers zijn kinderen van ouders die gedupeerd zijn in de toeslagenaffaire. De Dienst Toeslagen heeft ambtshalve aan eisers een tegemoetkoming toegekend op grond van de artikelen 2.10 en 2.12 van de Wht. Met de bestreden besluiten is de Dienst Toeslagen daarbij gebleven.

Voeging

4. Eisers hebben in alle zaken nagenoeg identieke beroepschriften ingediend. In veel van de zaken is een aanvullend beroepschrift ingediend. De aanvullende beroepschriften zijn veelal identiek, maar sommige aanvullende beroepschriften zijn nog wat uitgebreider. De rechtbank heeft de zaken van eisers gevoegd. Bij de beoordeling van de beroepen gaat de rechtbank uit van de meest uitgebreide versie van het beroepschrift en het aanvullende beroepschrift, zoals die in de zaak ROT 24/5732 zijn ingediend.

Hoogte tegemoetkoming

5. Eisers betogen dat het bedrag van de tegemoetkoming te laag is. De Dienst Toeslagen zou gebruik moeten maken van de bevoegdheid af te wijken van de regels over de hoogte van de tegemoetkoming, omdat anders sprake is van een onbillijkheid van overwegende aard. Eisers hebben zelf ook ernstig geleden door het toeslagenschandaal: zij konden geen kind zijn en zijn veelal gestopt met hun studie om te gaan werken om bij te kunnen dragen aan het gezinsinkomen. De schade van eisers als gevolg van het toeslagenschandaal moet worden vergoed, een tegemoetkoming uit coulance is onvoldoende. In de hersteloperatie is aansluiting gezocht bij het civiele schadevergoedingsrecht. De Dienst Toeslagen mag niet afwijken van de dwingendrechtelijke bepalingen uit het civiele recht. Gedupeerde ouders hebben recht op een immateriële schadevergoeding van € 500,- per half jaar vanaf, kort gezegd, de eerste onrechtmatige toeslagenbeschikking tot de eerste compensatiebeschikking. Deze vergoeding is ook te laag, omdat die geen recht doet aan de omvang van het leed, maar eisers zouden ten minste recht moeten hebben op diezelfde schadevergoeding van € 500,- per half jaar. De vergoeding zou eigenlijk € 130,- per dag moeten bedragen, in overeenstemming met het normbedrag voor de vergoeding bij onterecht verblijf in een politiecel. Eisers beroepen zich op artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 10 van de Grondwet en artikel 82 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Voor zover de Wht niet voorziet in een verplichting tot schadevergoeding van de Dienst Toeslagen aan eisers, is sprake van een leemte in de wet die door de rechtbank moet worden opgevuld. De civiele rechter heeft reeds geoordeeld dat de Dienst Toeslagen onrechtmatig heeft gehandeld, zodat vaststaat dat de Dienst Toeslagen de schade aan eisers moet vergoeden. Het hof Den Haag heeft € 40.000,- schadevergoeding toegekend in een zaak over zwangerschapsdiscriminatie bij ontslag. De Dienst Toeslagen heeft ook gediscrimineerd. Eisers verzoeken de rechtbank daarom een schadevergoeding van € 25.000,- bij wijze van voorschot toe te kennen wegens discriminatie door de Dienst Toeslagen.
5.1.
Voor de beoordeling van deze beroepsgrond is het volgende wettelijke kader van belang. In de Wht zijn regelingen van verschillende aard ondergebracht, waarmee een breed en zo samenhangend mogelijk herstel is beoogd. Dit omvat excuses en erkenning, financieel herstel en een schuldenaanpak, brede ondersteuning van gemeenten op verschillende leefgebieden en toegankelijke ondersteuning door maatschappelijke organisaties. Eén van die regelingen is de zogenoemde kindregeling. Bij de kindregeling heeft de wetgever uitdrukkelijk gekozen voor een vaste financiële tegemoetkoming. Ook heeft de wetgever uitdrukkelijk overwogen dat de kindregeling niet bedoeld is om schade of schulden te compenseren, maar als een tegemoetkoming. Bij de toekenning van de vaste financiële tegemoetkoming wordt geen onderscheid wordt gemaakt in geleden leed. Op grond van de kindregeling kent de Dienst Toeslagen ambtshalve een tegemoetkoming toe aan een kind van een aanvrager van kinderopvangtoeslag die in aanmerking komt voor een herstelmaatregel. De hoogte van de tegemoetkoming is afhankelijk van de leeftijd van het kind op 1 juli 2023 en bedraagt:

­ € 2.000,- € 2.000,- voor een kind jonger dan zes jaar;

­ € 2.000,- € 4.000,- voor een kind tussen de zes en twaalf jaar;

­ € 2.000,- € 6.000 voor een kind tussen de twaalf en vijftien jaar;

­ € 2.000,- € 8.000,- voor een kind tussen de vijftien en achttien jaar; en

­ € 2.000,- € 10.000,- voor een kind van achttien jaar of ouder.
5.2.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft de Dienst Toeslagen de hoogte van de tegemoetkoming juist vastgesteld. Tussen partijen is niet in geschil dat de Dienst Toeslagen de hoogte van de tegemoetkoming heeft vastgesteld op basis van de leeftijd die eisers hadden op 1 juli 2023 en in overeenstemming met artikel 2.12 van de Wht heeft gehandeld. Anders dan eisers betogen, is de Dienst Toeslagen niet bevoegd om af te wijken van artikel 2.12 van de Wht. Dat artikel is namelijk niet vermeld in de hardheidsclausule van artikel 9.1, eerste lid, van de Wht. Op grond van die hardheidsclausule kan de Dienst Toeslagen wel afwijken van de regels over aan wie een tegemoetkoming wordt toegekend (artikel 2.10 van de Wht), maar niet van de regels over de hoogte van die tegemoetkoming (artikel 2.12 van de Wht).
5.3.
Het betoog van eisers komt erop neer dat de bestuursrechter het toepassingsbereik van de hardheidsclausule in weerwil van de keuze van de wetgever uitbreidt. Dat kan niet. In dat verband is allereerst van belang dat uit artikel 11 van de Wet algemene bepalingen volgt dat de rechter niet mag treden in de belangenafweging die de wetgever bij de totstandkoming van de wet in formele zin heeft verricht. Het is dus niet mogelijk om een wettelijke bepaling uit te breiden. De wetgever heeft een gemotiveerde keuze gemaakt om de Dienst Toeslagen ten aanzien van de bepaling die de hoogte van de tegemoetkoming voor de kindregeling forfaitair vastlegt, niet de bevoegdheid te geven om daar met een hardheidsclausule van af te wijken. Het is niet aan de bestuursrechter om deze bewuste keuze van de wetgever te doorkruisen. De rechtbank merkt op dat de keuze van de wetgever om in de kindregeling niet te voorzien in compensatie van de werkelijke schade, onverlet laat dat de ouder voor de schade die het gezin heeft geleden een aanvraag kan doen voor aanvullende compensatie van de werkelijke schade. Nu vaststaat dat de Dienst Toeslagen in overeenstemming met artikel 2.12 van de Wht de hoogte van de tegemoetkoming heeft vastgesteld, kan het betoog van eisers over een hogere tegemoetkoming – waaronder begrepen het beroep op civielrechtelijke bepalingen, de schadevergoeding bij onterecht verblijf in een politiecel en de gestelde leemte in de wet –niet slagen.
5.4.
De beroepsgrond slaagt niet.

Overige gronden

6. Eisers betogen dat de Dienst Toeslagen in strijd heeft gehandeld met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur door geen aandacht te besteden aan de persoonlijke omstandigheden van eisers. Verder moet het voor eisers mogelijk zijn om zelfstandig een aanvraag in te dienen voor aanvullende compensatie van de werkelijke schade. Tot slot zou de Dienst Toeslagen de persoonlijke dossiers van eisers moeten overleggen.
6.1.
Het is duidelijk dat de kinderen van gedupeerde ouders in de hersteloperatie ook getroffen zijn door de ingrijpende gevolgen van het onrechtmatige handelen door de Dienst Toeslagen. De wetgever heeft bij de totstandkoming van de Wht hierover het volgende overwogen: “Er is niks dat deze kinderen een onbezorgde jeugd terug kan geven. Het is daarom belangrijk dat expliciet wordt erkend dat deze kinderen ten onrechte en buiten hun schuld zijn benadeeld. (…) Een onderdeel van een oplossing is een steun in de rug in de vorm van leeftijdsgebonden financiële ondersteuning. Met de hier getroffen regeling geeft het kabinet gevolg aan deze wens.” De wetgever heeft gekozen voor een tegemoetkoming aan de kinderen van gedupeerde ouders, waarvan de hoogte alleen afhankelijk is van de leeftijd van het kind. De persoonlijke omstandigheden van eisers spelen hierbij dus geen rol. Het is niet aan de rechter om te beoordelen of deze regelgeving anders zou moeten luiden. De Dienst Toeslagen heeft, gelet op het voorgaande, niet in strijd gehandeld met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur door de persoonlijke omstandigheden van eisers niet bij de besluitvorming te betrekken.
6.2.
Deze procedures gaan over de tegemoetkoming aan eisers op grond van artikel 2.10 van de Wht. De rechtsvraag of eisers zelfstandig een aanvraag kunnen indienen voor aanvullende compensatie van de werkelijke schade, is geen onderdeel van het geschil en de rechtbank gaat daarom niet verder in op het betoog van eisers daarover.
6.3.
De Dienst Toeslagen heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd. Voor de beoordeling van de beroepen van eisers zijn andere stukken uit het persoonlijk dossier niet noodzakelijk. Eisers hebben niet toegelicht welke stukken zouden ontbreken. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding om gebruik te maken van haar bevoegdheid een partij te verzoeken bepaalde stukken in te zenden.
Conclusie en gevolgen
7. De beroepen zijn ongegrond. Dat betekent dat eisers geen gelijk krijgen.

8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.P. Ferwerda, rechter, in aanwezigheid van mr. I.F.A.M. Errington-Quaedvlieg, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 9 juni 2026.

De griffier is verhinderd

de uitspraken te ondertekenen

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Bijlage
Zaaknummer

Eiser(es)

Primair besluit

Bestreden besluit

ROT 24/2316

[eiser 1]

17-05-23

29-01-24

ROT 24/4504

[eiser 2]

30-11-23

28-03-24

ROT 24/4542

[eiser 3]

30-11-23

28-03-24

ROT 24/5098

[eiser 4]

30-11-23

16-04-24

ROT 24/2390

[eiser 5]

25-01-23

13-02-24

ROT 24/2730

[eiser 6]

18-01-23

14-02-24

ROT 24/3048

[eiser 7]

18-01-23

23-02-23

ROT 24/3267

[eiser 8]

25-01-23

20-02-23

ROT 24/3278

[eiser 7]

18-02-23

20-02-24

ROT 24/3209

[eiser 9]

31-05-23

27-02-24

ROT 23/6104

[eiser 10]

01-03-23

01-08-23

ROT 24/2555

[eiser 11]

27-09-23

19-02-24

ROT 23/7416

[eiser 12]

31-05-23

02-10-23

ROT 23/7418

[eiser 12]

31-05-23

02-10-23

ROT 23/7422

[eiser 12]

31-05-23

02-10-23

ROT 24/5732

[eiser 13]

30-09-23

02-05-24

ROT 24/450

[eiser 14]

17-05-23

30-11-23

ROT 23/7818

[eiser 15]

14-04-23

18-10-23

ROT 24/3055

[eiser 16]

03-05-23

20-02-24

ROT 24/7830

[eiser 17]

14-06-23

16-07-24

ROT 24/7315

[eiser 18]

31-05-23

24-06-24

ROT 23/7398

[eiser 19]

31-05-23

24-06-24

ROT 24/7513

[eiser 20]

19-04-23

01-07-24

ROT 24/4830

[eiser 21]

30-11-22

09-04-24

ROT 24/8378

[eiser 22]

18-11-22

31-07-24

ROT 24/375

[eiser 23]

01-03-23

28-11-23

ROT 24/376

[eiser 23]

31-05-23

28-11-23

ROT 24/377

[eiser 23]

31-05-23

28-11-23

ROT 24/2747

[eiser 24]

01-03-23

06-02-24

ROT 24/3424

[eiser 25]

03-05-23

06-03-24

ROT 23/6742

[eiser 26]

19-04-23

29-08-23

ROT 23/6819

[eiser 27]

19-04-23

04-09-23

ROT 24/62

[eiser 28]

19-04-23

22-11-23

ROT 24/1544

[eiser 29]

03-05-23

27-12-23

ROT 24/8379

[eiser 30]

17-05-23

31-07-24

ROT 24/4823

[eiser 31]

28-06-23

09-04-24

ROT 24/4966

[eiser 32]

28-06-23

16-04-24

ROT 24/6181

[eiser 33]

28-06-23

23-05-24

ROT 24/7841

[eiser 34]

25-08-23

15-07-24

ROT 24/6180

[eiser 35]

03-05-23

23-05-24

ROT 24/2020

[eiser 36]

18-11-22

10-01-24

ROT 24/6053

[eiser 37]

01-08-23

21-05-24

ROT 23/6817

[eiser 38]

30-11-22

07-09-23

ROT 24/5354

[eiser 39]

03-05-23

23-04-24

ROT 24/1614

[eiser 40]

31-05-23

28-12-23

ROT 24/1603

[eiser 41]

31-05-23

28-12-23

ROT 24/1629

[eiser 40]

31-05-23

28-12-23

ROT 24/2219

[eiser 42]

17-05-23

06-02-24

ROT 24/2348

[eiser 43]

01-03-23

24-01-24

ROT 24/6052

[eiser 44]

19-07-23

21-05-24

ROT 24/7512

[eiser 45]

19-04-23

02-07-24

ROT 24/7844

[eiser 46]

25-08-23

15-07-24

ROT 24/3736

[eiser 47]

30-11-23

13-03-24

ROT 24/3742

[eiser 48]

30-11-23

13-03-24

ROT 23/8449

[eiser 49]

03-05-23

09-11-23

ROT 23/8525

[eiser 50]

03-05-23

15-11-23

ROT 23/8533

[eiser 50]

03-05-23

15-11-23

ROT 23/6055

[eiser 51]

08-03-23

28-07-23

ROT 23/6059

[eiser 52]

08-03-23

28-07-23

ROT 23/8316

[eiser 53]

14-06-23

08-11-23

ROT 24/2384

[eiser 54]

14-06-23

23-01-24

ROT 24/2397

[eiser 55]

14-06-23

23-01-24

ROT 24/2398

[eiser 56]

14-06-23

23-01-24

ROT 24/7821

[eiser 57]

25-08-23

09-07-24

ROT 24/7824

[eiser 58]

25-08-23

09-07-24

ROT 23/8511

[eiser 59]

14-04-23

10-11-23

ROT 24/2327

[eiser 60]

27-12-23

30-01-24

ROT 23/6896

[eiser 61]

22-03-23

05-09-23

ROT 23/6897

[eiser 62]

22-03-23

05-09-23

ROT 23/6898

[eiser 61]

22-03-23

05-09-23

ROT 24/1538

[eiser 63]

27-09-23

27-12-23

ROT 24/2387

[eiser 64]

27-09-23

13-02-24

ROT 24/979

[eiser 65]

31-05-23

12-12-23

ROT 24/998

[eiser 66]

31-05-23

12-12-23

ROT 23/6700

[eiser 67]

22-03-23

28-03-23

ROT 23/6702

[eiser 68]

22-03-23

23-08-23

ROT 23/6905

[eiser 68]

22-03-23

05-09-23

ROT 24/402

[eiser 69]

17-05-23

30-11-23

ROT 24/451

[eiser 70]

17-05-23

30-11-23

ROT 24/7902

[eiser 71]

17-05-23

11-07-24

ROT 24/3176

[eiser 72]

14-04-23

26-02-24

ROT 24/3180

[eiser 73]

14-04-24

26-02-24

ROT 24/5772

[eiser 74]

30-09-23

02-05-24

ROT 24/2046

[eiser 75]

01-03-23

10-01-24

ROT 24/2052

[eiser 76]

30-11-22

10-01-24

ROT 23/8121

[eiser 77]

17-05-23

02-11-23

ROT 24/2306

[eiser 78]

01-03-23

23-01-24

ROT 24/2819

[eiser 79]

01-03-23

06-02-24

ROT 24/3115

[eiser 80]

01-03-23

14-02-24

ROT 24/3250

[eiser 81]

01-03-23

29-02-24

ROT 23/6888

[eiser 82]

01-03-23

07-09-23

ROT 23/6892

[eiser 83]

30-11-22

06-09-23

ROT 23/7118

[eiser 84]

01-03-23

11-09-23

ROT 23/7210

[eiser 85]

01-03-23

20-09-23

ROT 24/4828

[eiser 86]

31-05-23

09-04-24

ROT 24/5051

[eiser 87]

31-05-23

09-04-23

ROT 24/7898

[eiser 88]

14-06-23

16-07-24

ROT 24/7928

[eiser 89]

03-05-23

16-07-24

ROT 24/7929

[eiser 90]

08-03-23

16-07-24

ROT 24/7950

[eiser 89]

14-06-23

16-07-24

ROT 24/8152

[eiser 89]

14-06-23

16-07-24

ROT 23/6810

[eiser 91]

01-03-23

07-09-23

ROT 24/3647

[eiser 92]

30-11-22

12-03-24

ROT 24/3866

[eiser 93]

14-06-23

15-03-24

ROT 24/3868

[eiser 93]

14-06-23

15-03-24

ROT 24/7886

[eiser 94]

25-08-23

15-07-24

ROT 24/7842

[eiser 95]

25-08-23

12-07-24

ROT 24/8020

[eiser 96]

31-05-23

17-07-24

ROT 23/7785

[eiser 97]

31-05-23

18-10-25

ROT 23/7788

[eiser 97]

31-05-23

18-10-25

ROT 23/5629

[eiser 98]

08-03-23

26-06-23

ROT 23/7333

[eiser 98]

14-06-23

27-09-23

ROT 24/3802

[eiser 99]

30-11-23

14-03-24

ROT 24/983

[eiser 100]

03-05-23

12-12-23

ROT 24/966

[eiser 101]

03-05-23

12-12-23

ROT 24/3859

[eiser 102]

08-03-23

21-03-24

ROT 23/8527

[eiser 103]

14-04-23

10-11-23

ROT 24/31

[eiser 104]

30-11-22

28-11-23

ROT 24/51

[eiser 105]

25-01-23

21-11-23

ROT 24/84

[eiser 106]

30-11-22

21-11-23

ROT 24/2391

[eiser 107]

17-05-23

29-01-24

ROT 24/2037

[eiser 108]

14-06-23

10-01-24

ROT 24/2040

[eiser 109]

14-06-23

10-01-24

Artikel 8:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Artikel 8:57, eerste en derde lid, van de Awb.

Rb. Rotterdam 26 april 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:3475.

Hof Den Haag 31 augustus 2021, ECLI:NL:GHDHA:2021:1638.

Kamerstukken II 2021/22, 36151, nr. 3, p. 4.

Kamerstukken II 2021/22, 36151, nr. 3, p. 30-31.

Artikel 2.10 van de Wht.

Artikel 2.12, eerste lid, van de Wht.

ABRvS 2 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2993, r.o. 8.2.

Zie artikel 2.1, derde lid, van de Wht.

Kamerstukken II 2021/22, 36151, nr. 3, p. 25.

Artikel 8:42, eerste lid, van de Awb.

Artikel 8:45, eerste lid, van de Awb.

Artikel delen