In kort geding wordt het verwijderingsbesluit van de school van een leerling op het voortgezet onderwijs in verband met het gedrag van de moeder in stand gelaten. De wijze waarop de moeder zich tegen de school heeft gericht naar aanleiding van cijfers en de doorstroombeslissing ging te ver en heeft onder meer de werkrelatie van de school met de leerling en ouder onherstelbaar beschadigd.