Sinds de ondertekening van de overeenkomst Krachtenbundeling Circulaire Economie in 2025 is de samenwerking tussen gemeenten, provincies en waterschappen flink geïntensiveerd. Daarbij zijn grote stappen gezet naar een circulaire economie, waaronder een visie op vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Een van de meest in het oog springende resultaten is de totstandkoming van de VTH-CE bouwstenenvisie. Er ligt nu een gedeeld en praktisch kader voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) binnen de circulaire economie. Dit is hard nodig, omdat circulaire initiatieven vaak te maken krijgen met bestaande regelgeving en procedures, die hierop niet berekend zijn.
De visie zorgt voor een uniforme werkwijze, bijvoorbeeld bij het beoordelen of materialen als afval worden gezien. Dit voorkomt verschillen tussen regio’s en biedt bedrijven meer zekerheid. De bouwstenenvisie helpt gemeenten om circulaire doelstellingen stevig te verankeren in hun beleid en uitvoering.
Gemeenten krijgen met deze bouwstenenvisie handvatten om proefprojecten mogelijk te maken en circulaire initiatieven te ondersteunen binnen het bestaande VTH-instrumentarium. En door de bouwstenenvisie kunnen gemeenten beter samenwerken met andere overheden en kennis delen, waardoor succesvolle aanpakken sneller kunnen worden opgeschaald. Zo kunnen gemeenten hun circulaire ambities beter waarmaken en de transitie naar een circulaire economie versnellen.
Jelmer Vierstra, wethouder in Woerden: ‘Met de bouwstenenvisie Circulaire Economie en VTH 2.0 hebben we een praktische basis gelegd om de transitie naar een meer circulaire economie beter te ondersteunen vanuit vergunningverlening, toezicht en handhaving. Circulaire initiatieven lopen in de praktijk vaak tegen onduidelijkheden aan. Deze visie helpt overheden om daar op een meer consistente manier mee om te gaan, zodat bedrijven meer duidelijkheid krijgen en er minder regionale verschillen ontstaan. Tegelijkertijd biedt de visie concrete handvatten om kansen binnen de bestaande regels beter te benutten, bijvoorbeeld voor experimenten, ketentoezicht en samenwerking. We zijn trots dat we dit vanuit de uitvoeringspraktijk en gezamenlijk met de andere (mede)overheden in korte tijd hebben weten neer te zetten.’
Gemeenten hebben sinds de ondertekening van de krachtenbundeling ook actief bijgedragen aan kennisdeling, versterken van netwerken en vergroten van wederzijds begrip voor elkaars praktijk. Kennisdeling blijft een speerpunt, want door actief ervaringen en lessen uit te wisselen, hoeven gemeenten niet telkens opnieuw het wiel uit te vinden. Het gegroeide netwerk en het betere begrip van elkaars praktijk maken het eenvoudiger om succesvolle aanpakken verder te brengen en op te schalen.
De opbrengsten van het eerste jaar en de VTH-CE bouwstenenvisie vormen een stevige basis om de gezamenlijke ambitie – een volledig circulaire economie in 2050 – dichterbij te brengen. De betrokken partijen gaan onverminderd door met de uitvoering van de samenwerkingsovereenkomst.
