Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

De landbouwuitgaven van de EU hebben de landbouw niet klimaatvriendelijker gemaakt

Volgens een speciaal verslag van de Europese Rekenkamer (ERK) heeft de EU landbouwfinanciering voor klimaatactie niet bijgedragen tot de vermindering van de broeikasgasemissies van de landbouw. Hoewel meer dan een kwart van alle landbouwuitgaven van de EU in de periode 2014-2020 — meer dan 100 miljard EUR — was bestemd voor klimaatverandering, zijn de broeikasgasemissies van de landbouw niet gedaald sinds 2010. De meeste maatregelen die door het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) worden ondersteund, hebben immers een gering potentieel om de klimaatverandering te matigen en het GLB biedt geen stimulansen voor het gebruik van doeltreffende klimaatvriendelijke praktijken.

Europese Rekenkamer 21 June 2021

“De rol van de EU bij de matiging van de klimaatverandering in de landbouwsector is van cruciaal belang omdat de EU milieunormen vaststelt en de meeste landbouwuitgaven van de lidstaten cofinanciert”, aldus Viorel Ștefan, het lid van de Europese Rekenkamer dat verantwoordelijk is voor het verslag. “We verwachten dat onze bevindingen nuttig zullen zijn in het kader van de EUdoelstelling om uiterlijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid moet meer gericht zijn op het verminderen van de landbouwemissies en er moet meer verantwoording worden afgelegd en meer transparantie zijn over de bijdrage ervan aan de matiging van de klimaatverandering”.

De auditors hebben onderzocht of er in de periode 2014-2020 GLB-steun is verleend voor praktijken voor de matiging van de klimaatverandering waarmee de broeikasgasemissies uit drie belangrijke bronnen kunnen worden verminderd: de veehouderij, kunstmest en dierlijke mest en landgebruik (bouwland en grasland). Zij zijn ook nagegaan of het gebruik van doeltreffende matigingspraktijken in de periode 2014-2020 beter is gestimuleerd met het GLB dan in de periode 2007-2013.

De emissies van de veehouderij zijn goed voor ongeveer de helft van de emissies van de landbouw; ze zijn niet meer gedaald sinds 2010. Deze emissies houden rechtstreeks verband met de omvang van de veestapel, en rundvee veroorzaakt twee derde van deze emissies. Het aandeel van de aan vee toe te schrijven emissies neemt verder toe als er rekening wordt gehouden met de emissies afkomstig van de productie van diervoeder (inclusief invoer). In het kader van het GLB wordt echter niet geprobeerd in grenswaarden voor de veestapel te voorzien en worden ook geen stimulansen geboden om deze te verkleinen. De marktmaatregelen van het GLB omvatten afzetbevordering van dierlijke producten; de consumptie daarvan is sinds 2014 niet afgenomen. Dit zorgt er veeleer voor dat de broeikasgasemissies worden gehandhaafd in plaats van dat deze worden verminderd.

De emissies van kunstmest en dierlijke mest, die bijna een derde van de landbouwemissies vormen, namen toe tussen 2010 en 2018. Het GLB steunde praktijken waarmee het gebruik van meststoffen kan worden beperkt, zoals biologische landbouw en de teelt van zaaddragende leguminosen. Volgens de auditors is de impact van deze praktijken op de broeikasgasemissies echter onduidelijk. Daarentegen werd weinig financiering verstrekt voor praktijken die aantoonbaar doeltreffender zijn, zoals precisielandbouwmethoden waarbij de bemesting wordt afgestemd op de behoeften van de gewassen.

Het GLB ondersteunt klimaatonvriendelijke praktijken, bijvoorbeeld door landbouwers te betalen die ontwaterde veengebieden bewerken. Deze gebieden maken minder dan 2% van de landbouwgrond in de EU uit, maar stoten 20 % van de uit de landbouw afkomstige broeikasgassen in de EU uit. Er hadden middelen voor plattelandsontwikkeling kunnen worden gebruikt voor het herstel van deze veengebieden, maar dit gebeurde zelden. De GLB-steun voor maatregelen voor

koolstofvastlegging, zoals bebossing, boslandbouw en de omzetting van akkerland in grasland, is niet gestegen ten opzichte van de periode 2007-2013. De EU-wetgeving voorziet momenteel niet in de toepassing van het beginsel dat de vervuiler betaalt op broeikasgasemissies van de landbouw.

Tot slot merken de auditors op dat de randvoorwaarden en de maatregelen voor plattelandsontwikkeling weinig verschilden van die in de voorgaande periode, ondanks de verhoogde klimaatambitie van de EU. Hoewel de vergroeningsregeling bedoeld was om de milieuprestaties van het GLB te verbeteren, heeft deze landbouwers niet gestimuleerd om doeltreffende klimaatvriendelijke maatregelen toe te passen en had deze slechts een geringe impact op het klimaat.

Achtergrondinformatie

De voedselproductie is verantwoordelijk voor 26 % van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen en de landbouw, met name de veehouderij, is verantwoordelijk voor het grootste deel van deze emissies.

Momenteel wordt er op EU-niveau onderhandeld over het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU voor de periode 2021-2027, waarvoor ongeveer 387 miljard EUR aan financiering zal worden uitgetrokken. Zodra overeenstemming is bereikt over de nieuwe regels, zullen de lidstaten deze uitvoeren door middel van “strategische GLB-plannen” die op nationaal niveau worden opgesteld en door de Europese Commissie worden gemonitord. Volgens de huidige regels beslist elke lidstaat of zijn landbouwsector al dan niet zal bijdragen aan de vermindering van de landbouwemissies.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.