Steeds meer mensen kiezen ervoor om meer plantaardig te eten. Het aantal flexitariërs, vegetariërs en veganisten neemt toe. Minder vlees eten is goed voor het dierenwelzijn en het milieu. Ook voor je gezondheid is het beter om minder vlees en meer granen, peulvruchten, groente, fruit en noten te nemen. Waarom is een meer plantaardig dieet een goed idee? En waarop kun je letten?
De productie van eten vraagt veel van de wereld. Voedsel is verantwoordelijk voor 20 tot 35% van de uitstoot van alle broeikasgassen. Meer dan de helft daarvan komt van vlees en zuivel. Eten produceren kost ook veel water en er gaat bos en natuur verloren. Bovendien is er vervuiling door mest. Door minder vlees en zuivel te nemen help je het milieu. Door één dag per week minder vlees te eten, verlaag je de milieu-impact van je voedingspatroon met wel 5 tot 10%.
Ook voor je gezondheid is het gunstig om meer plantaardig te eten. Je hebt een lager risico op hart- en vaatziekten bij een eetpatroon met minder vlees en méér volkoren graanproducten, peulvruchten, groenten, fruit en noten.
Onbewerkt vlees staat wel in de Schijf van Vijf en past in een gezond eetpatroon. Maar eet er niet meer van dan 500 gram per week. Het is niet nodig om vlees te eten; je kunt vlees prima vervangen. Let er wel op dat je genoeg vitamine B12, vitamine B1, ijzer en eiwit binnenkrijgt.
Bewerkt en rood vlees kun je beter niet te veel eten. Als je veel van deze vleessoorten eet, loop je meer risico op ziekten zoals (darm)kanker, diabetes type 2 en een beroerte. Bewerkt vlees is vlees dat is behandeld om de smaak of houdbaarheid te beïnvloeden; door te roken, zouten, drogen en/of het toevoegen van conserveringsmiddelen. Van rood vlees (rund, varken, schaap, geit) adviseren we maximaal 300 gram per week te eten.
Melk en melkproducten zoals yoghurt en kaas passen in een gezond voedingspatroon. Maar kaas bijvoorbeeld bevat vaak veel zout en (verzadigd) vet en heeft een hoge milieubelasting. Je kunt het aantal porties daarom beperken tot de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid.
