Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

Gevolgen voor natuur van 18 mestvergisters onvoldoende onderzocht

De gevolgen van 18 mestvergisters voor beschermde Natura 2000-gebieden zijn onvoldoende onderzocht. Dat oordeelt de Rechtbank Noord-Nederland over projecten in Meppel en Ooststellingwerf. Onder meer stikstofemissies van noodfakkels en verkeersbewegingen zijn niet volledig meegenomen. De gemeenten moeten daarom opnieuw beoordelen welke gevolgen de mestvergisters voor de natuur kunnen hebben.

De Rechtspraak 17 August 2026

Jurisprudentie-samenvatting

Jurisprudentie-samenvatting

Besluiten van Meppel en Ooststellingwerf vernietigd

Het college van B&W van Ooststellingwerf verleende aan 16 melkveehouders omgevingsvergunningen voor de bouw en het gebruik van een mestvergister op hun percelen. Door het college van B&W van Meppel werden twee soortgelijke vergunningen verleend. De Stichting Natuurbeschermingswacht uit Meppel stelde beroep in. Centrale vraag in alle zaken was of de mestvergisters gevolgen kunnen hebben voor beschermde Natura 2000-gebieden. Als dat niet kan worden uitgesloten, is voor de mestvergisters ook een natuurvergunning vereist.

De rechtbank heeft op 6 augustus in twee uitspraken geoordeeld dat dit niet goed is onderzocht en vernietigde de genomen besluiten op bezwaar. De colleges moeten nu opnieuw de natuurgevolgen van de mestvergisters onderzoeken en beoordelen.

Onvoldoende onderzoek

De rechtbank heeft zich laten adviseren door de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB). Die heeft voor elk deelproces van de mestvergisting bekeken of significante gevolgen voor de natuur kunnen worden uitgesloten.

Op basis van het advies oordeelt de rechtbank dat de gevolgen van emissies van stikstof vanuit de mestvergisters niet goed zijn onderzocht. Dit onder meer omdat emissies bij het gebruik van de noodfakkel zijn onderschat. Ook zijn niet alle verkeersbewegingen voor onderhoud van de vergisters beoordeeld.

Eisers hebben gewezen op onzekerheid over emissies bij de opslag en aanwending van digestaat. Het advies van de STAB bevestigt dat. Naar het oordeel van de rechtbank hoeft dit echter niet bij de beoordeling te worden betrokken. Voor natuurvergunningverlening zijn de mestvergister en de opslag/aanwending van digestaat verschillende projecten.

Van de kant van het college en de vergunninghouders is aangevoerd dat de ontwikkeling per saldo gunstig is voor de natuur, omdat de emissie van methaan en ammoniak uit de stallen afneemt. Ook dit laatste bevestigt de STAB. Naar het oordeel van de rechtbank kan dat echter niet worden betrokken bij de vraag of een natuurvergunning is vereist. Het kan wel worden betrokken in een passende beoordeling van een natuurvergunning.

Wat is een mestvergister?

Een mestvergister is een silo waarin mest onder zuurstofarme omstandigheden wordt afgebroken. Daarbij ontstaat biogas, dat kan worden gebruikt voor het opwekken van elektriciteit en warmte. Ook kan het biogas worden opgewaardeerd tot groen gas, dat in het aardgasnetwerk kan worden ingevoerd. Het restproduct heet digestaat. Dat wordt meestal net als mest opgeslagen en uitgereden op het land.

Mestvergisters worden gezien als mogelijke oplossing voor het verduurzamen van de veehouderij. De uitstoot van broeikasgassen en ammoniak zou verminderen en het rendement van bedrijven wordt vergroot door de opbrengsten van de energie.

Artikel delen