Een bijzonder onderdeel van het afvalstoffenrecht is de export en import van afvalstoffen. Afvalstoffen kunnen ontstaan in Nederland en getransporteerd worden naar het buitenland om daar verder te worden verwerkt. Een bekend voorbeeld hiervan is de afgedankte elektronische apparatuur die aan Afrikaanse landen wordt verkocht om daar gerepareerd te worden of om er onderdelen van te gebruiken. Een ander bekend voorbeeld is het schip de Otapan dat vanuit Nederland naar Turkije werd geëxporteerd, alwaar het schip ontmanteld zou worden en het metaal zou worden hergebruikt. Het schip zou niet bekend zijn geworden als er naast metaal ook niet hele grote hoeveelheden asbest aan boord bleken te zijn. Omdat dit niet juist op de transportpapieren stond aangegeven stuurde Turkije het schip terug naar Nederland en dit had een grote kostenpost voor de Nederlandse overheid tot gevolg. Ook het gifschip Probo Koala, als voorbeeld genoemd bij wat er fout kan gaan bij acceptatie in hoofdstuk 10, mag niet onbenoemd blijven; de giftige lading werd in de zomer van 2006 naar een stortplaats in Ivoorkust gebracht en veroorzaakte daar gezondheidsproblemen bij de bevolking. Bij dit schip ontbraken de juiste transportpapieren. Ook Nederlandse verwerkers ontvangen afvalstoffen uit omringende landen om deze te verwerken.
Als er sprake is van grondstoffen dan is er binnen de Europese Unie sprake van een vrij verkeer van goederen en is de Europese Verordening betreffende de Overbrenging van Afvalstoffen (EVOA) niet aan de orde. Op het moment dat vaststaat dat er sprake is van afvalstoffen dan is de EVOA bepalend voor de vraag welke procedure moet worden gevolgd. In hoofdstuk 3 is de EVOA reeds geïntroduceerd.
In dit hoofdstuk worden in paragraaf 13.2 eerst twee internationale verdragen toegelicht (Verdrag van Bazel en het OESO-besluit). Deze twee verdragen vormden mede de basis van de EVOA. In de paragrafen 13.3 tot en met 13.7 wordt ingegaan op respectievelijk de uitgangspunten van de EVOA, de werkingssfeer, de procedure voor Groene lijst stoffen, en de procedure voor Oranje lijst stoffen. Paragraaf 13.8 beschrijft de bezwaarmogelijkheden voor lidstaten. In paragraaf 13.9 wordt specifiek ingegaan op handelingen van voorlopige nuttige toepassing en voorlopige verwijdering. Paragraaf 13.10 gaat in op de in- en uitvoer naar landen buiten de Europese Unie. Tot slot wordt een aantal belangwekkende EVOA-uitspraken benoemd in paragraaf 13.11.
Op de site www.ilent.nl worden alle EVOA-beschikkingen online gepubliceerd (onder “Afvaltransport EVOA” -> beschikkingen online).