Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

In artikel 3, lid 26 van de EVOA is gedefinieerd wat onder een “illegale overbrenging” wordt verstaan. Dit is onder andere een overbrenging die feitelijk niet met de kennisgeving of de vervoersdocumenten overeenstemt. Om die reden is het altijd van belang om de juiste vakjes aan te kruisen en de goede begrippen te hanteren. De gevolgen kunnen groot zijn als niet de juiste informatie op het kennisgevingsformulier is vermeld. Zie onder meer de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 14 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1509.

De EVOA hanteert definities voor de begrippen “voorlopige verwijdering” en “voorlopige nuttige toepassing” (art. 3, lid 2 en 3). Deze definities zijn niet expliciet in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer opgenomen.

Voorlopige verwijdering ziet op de verwijderingshandelingen D8, D9, D13, D14 of D15 als omschreven in bijlage I van de Kaderrichtlijn afvalstoffen. Voorlopige nuttige toepassing ziet op de handelingen R12 en R13 in bijlage II van de Kaderrichtlijn. Behalve de herkomst, exacte samenstelling en hoeveelheden van de afvalstoffen moet op de kennisgevingsformulieren ook worden ingevuld of de nuttige toepassing van de afvalstoffen is voltooid. Op het formulier moeten ook de voorlopige handelingen van nuttige toepassing of verwijdering worden vermeld. Het gaat hier om voorbereidende handelingen voor een uiteindelijke verwerking door middel van verwijdering of nuttige toepassing. Voor de vraag of de uiteindelijke verwerkingswijze als zodanig kwalificeert, zal de eerste handeling na de voorlopige nuttige toepassing of voorlopige verwijdering bepalend zijn.

In de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 4 oktober 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3690, is ingegaan op diverse eisen die volgen uit de EVOA. Tevens komt het verschil tussen handelingen van voorlopige toepassing (R12 en R13) waarvoor aanvullende voorwaarden gelden en de overige handelingen van nuttige toepassing (R1-R11) aan de orde.