Menu

Zoek op
rubriek
Klimaatweb
0

Bestrijdingsmiddelen en de Wet natuurbescherming

Op 18 juni 2021 heeft de rechtbank Noord-Nederland een uitspraak gedaan over het niet handhaven door de provincie bij een handhavingsverzoek waarbij de vergunningplicht voor enkele agrarische percelen aan de orde was. In persberichten wordt de indruk gewekt dat er sprake zou zijn van bedrijven die uitbreidden, maar dat is niet zo. De zaak draaide om een geval dat de provincie niet wilde erkennen dat er sprake was van een vergunningplicht bij aanvang van lelieteelt op een perceel grasland naast een Natura 2000-gebied. Als appellant ken ik wat meer achtergrond van de zaak.

14 juli 2021

Jurisprudentie – Samenvattingen

Aan de orde was de vraag of voor het aanleggen van drainage op enkele percelen al of niet een vergunning Wnb noodzakelijk was. De provincie had een Voortoets laten vervaardigen waarin werd geconcludeerd dat de daling in de grondwaterstand in het naast liggende natuurgebied minder dan 2 cm was. De provincie legde dit uit als nul verdroging. Appellanten gaven aan dat minder dan 2 cm niet gelijk is aan nul en dat bovendien de verdroging cumulatief dient te worden beoordeeld en voor een situatie waarin reeds sprake was van verdroging elke kleine bijdrage een significant effect kan zijn. De rechtbank acht daarom de voortoets onvoldoende.

In het beroep was gesteld dat het gebruik van bestrijdingsmiddelen aan een passende beoordeling moet worden onderworpen. In zuidwest Drenthe is na metingen gebleken dat bestrijdingsmiddelen zich tot honderden meters verspreiden en zijn bestrijdingsmiddelen aangetroffen midden in een Natura 2000-gebied van 8 kilometer breed. Tevens is een afname in de orde van grootte van 75% geconstateerd van diverse groepen insecten. Een oorzakelijk verband is (nog) niet aangetoond maar is wel voor de hand liggend. Naar de mening van appellanten zou dit een passende beoordeling rechtvaardigen. De provincie stelt dat significante effecten zijn uitgesloten omdat de Ctgb aangeeft dat alles veilig is. De rechtbank acht de enkele stelling dat bestrijdingsmiddelen worden onderzocht door de Ctgb geen reden dat de provincie zich aan haar onderzoeksplicht mag onttrekken.

De teelt van lelies en andere siergewassen is in Drenthe al heel lang onderwerp van zorg en discussie vooral vanwege verdroging en excessief bestrijdingsmiddelengebruik. Het is te verwachten dat natuurorganisaties deze uitspraak gaan benutten voor een offensief dat er op is gericht deze teelten uit de omgeving van Natura 2000-gebieden te verwijderen. In de veeteelt is het gebruikelijk dat een bedrijf een vergunning Wnb heeft. Hier is aan de orde gesteld dat een vergunning Wnb benodigd is voor (nieuwe) activiteiten op een perceel. Er is bij ons geen enkel niet-veeteelt bedrijf bekend dat reeds beschikt over een vergunning Wnb terwijl er tal van activiteiten op percelen worden uitgevoerd die al elk voor zich vergunningplichtig zijn.

Het achterliggend probleem van deze uitspraak is dat de provincie Drenthe tracht zich aan haar verplichtingen inzake de natuurbescherming te onttrekken. De provincie Drenthe werkt met een coalitieakkoord waarin is vastgelegd dat GS aan de landbouw geen regels opleggen bovenop landelijke regels. Het handhaven Wnb (stikstof, verdroging, pesticiden) wordt als een beperking voor de landbouw gezien.

Deze uitspraak heeft een landelijke werking. De overheden zullen aan de slag moeten. Van elk bestrijdingsmiddel zal de wijze waarop het zich verspreidt moeten worden vastgesteld. De toelatingsprocedure van bestrijdingsmiddelen met een grote verspreiding door verdamping moet worden herzien. Met passende beoordelingen dient te worden aangetoond dat de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen in Natura 2000-gebieden geen significante effecten kunnen veroorzaken. Deels kan worden volstaan met generieke beoordelingen, maar vanwege eigenschappen van het Natura 2000-gebied zijn ook specifieke beoordelingen nodig.

Natuurorganisaties zullen aan de slag gaan om de Wnb te doen handhaven. De gevolgen van deze uitspraak zullen vooral door de aard en de hoeveelheid acties van natuurorganisaties worden bepaald.

Artikel delen