Een warmteleverancier krijgt deels gelijk bij een betalingsachterstand, maar mag de levering niet stopzetten. De rechter stelt strenge eisen aan afsluiting en sanctioneert gebrekkige informatievoorziening.

In deze zaak levert Eteck warmte aan een woning. De bewoner betaalt langere tijd zijn energierekeningen niet. De warmteleverancier stapt daarop naar de rechter en vordert onder meer betaling van de openstaande schuld, ontbinding van het contract en afsluiting van de warmtelevering.
De consument verschijnt niet in de procedure (verstek), maar toch moet de rechter de zaak inhoudelijk toetsen. Omdat het gaat om een overeenkomst tussen een bedrijf en een consument, controleert de rechter ambtshalve of de regels uit het consumentenrecht en de Warmtewet zijn nageleefd.
De rechtbank Amsterdam oordeelt dat de consument het grootste deel van de schuld moet betalen, maar verlaagt het bedrag met 20%. Deze korting is een sanctie omdat de warmteleverancier niet volledig heeft voldaan aan de informatieplichten uit het consumentenrecht en de Warmtewet (o.a. art. 3 Warmtewet en art. 6:230m BW).
De vordering tot afsluiting van de warmtelevering wordt afgewezen. Volgens de Warmteregeling mag een leverancier pas afsluiten als aan strikte voorwaarden is voldaan, zoals:
De rechter stelt vast dat hier niet aan alle voorwaarden is voldaan. Daarom mag de levering niet worden beëindigd.
ECLI:NL:RBAMS:2026:3987
Warmtewet
Deze uitspraak laat zien dat afsluiting van warmte juridisch zwaar is begrensd. Voor gemeenten en warmtebedrijven is dit cruciaal: zelfs bij betalingsachterstanden mag levering niet zomaar worden stopgezet.
Voor de praktijk betekent dit:
Daarnaast onderstreept de uitspraak het belang van transparante informatievoorziening. Onduidelijke contracten kunnen leiden tot financiële sancties voor leveranciers.
Voor professionals in de warmtetransitie bevestigt deze uitspraak dat niet alleen techniek en financiering, maar ook juridische zorgvuldigheid en consumentenbescherming bepalend zijn voor het slagen van warmtenetten.