Menu

Filter op
content
Klimaatweb
0

Het opknipverbod uit de Elektriciteitswet en de aansluitplicht van de netbeheerder

Partijen die een geschil hebben met de netbeheerder over de wijze waarop deze zijn taken en bevoegdheden op grond van de Elektriciteitswet 1998 (“E-wet”) uitoefent kunnen een dergelijk geschil voorleggen aan de Autoriteit Consument en Markt (“ACM”). In dit blogbericht bespreken wij zo’n uitspraak van de ACM.

5 januari 2024

De zaak Zonnepark Middelsee / Liander

Deze zaak draait om het volgende. Drie ontwikkelaars (de “Ontwikkelaars”) zijn voornemens om separate zonneparken te ontwikkelen in de buurt van Leeuwarden. Omdat de gemeente Leeuwarden de wens had om deze parken integraal landschappelijk in te passen is voor het gehele project één omgevingsvergunning aangevraagd.

In november 2020 heeft één van de Ontwikkelaars een aanvraag ingediend bij Liander N.V. (“Liander”) voor vier afzonderlijke aansluitingen; voor elke Ontwikkelaar één en nog één voor een andere partij waarvan de aanvraag inmiddels is vervallen.

In december 2020 heeft Liander aan de Ontwikkelaars laten weten dat zij de afzonderlijke aanvragen niet in behandeling neemt omdat sprake zou zijn van één zonnepark en niet van drie afzonderlijke zonneparken. Liander heeft daarom aangegeven slechts één aansluiting te willen realiseren.

Liander doet beroep op ‘opknipverbod’

De Ontwikkelaars stellen zich op het standpunt dat zij, op grond van art. 23 E-wet, elk recht hebben op een eigen aansluiting.

Voor zover hier van belang stelt Liander zich op het standpunt dat de Ontwikkelaars eigenlijk één zonnepark willen bouwen en exploiteren en dat zij op grond van art. 1 lid 6 E-wet daarom een beroep kan doen op het zogenaamde ‘opknipverbod’. Deze bepaling luidt als volgt:

“Productie-installaties voor de opwekking van elektriciteit met behulp van windenergie of zonne-energie op het land die behoren tot eenzelfde onderneming of instelling en die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddelijke nabijheid zijn gelegen, worden geacht te beschikken over één aansluiting. De netbeheerder en de producent kunnen meerdere aansluitingen overeenkomen indien dit tot lagere kosten voor de netbeheerder leidt.”

Van belang is dat het College van beroep voor het bedrijfsleven (“CBb”), terwijl dit geschil aanhangig was, uitspraak heeft gedaan in een vergelijkbare casus. Uit deze uitspraak volgt dat art. 1 lid 6 E-wet cumulatieve voorwaarden bevat. Toegepast op dit geval zou dat betekenen dat de Ontwikkelaars recht hebben op eigen aansluitingen en dat Liander dus in het ongelijk gesteld zou moeten worden. Na de CBb-uitspraak – maar voordat de ACM uitspraak deed – zijn de Ontwikkelaars en Liander in overleg getreden, maar dat heeft niet geleid tot een oplossing.

Beoordeling beroep op ‘opknipverbod’

Voor zover hier van belang oordeelt de ACM dat de Ontwikkelaars op grond van art. 23 E-wet recht hebben op een eigen aansluiting indien sprake zal zijn van afzonderlijke onroerende zaken als bedoeld in art. 16 van de Wet waardering onroerende zaken (Wet Woz).

Het ‘opknipverbod’ is een uitzondering op deze hoofdregel. Op deze uitzondering kan volgens de ACM slechts een beroep worden gedaan als aan de cumulatieve voorwaarden is voldaan. Dat wil zeggen dat sprake moet zijn van dat de zonneparken tot (i) eenzelfde onderneming of instelling behoren, (ii) technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en (iii) in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen.

Het is evident dat de Ontwikkelaars niet tot dezelfde onderneming behoren. Daarom oordeelt de ACM dat aan de cumulatieve voorwaarden niet is voldaan.

De ACM concludeert dan ook dat Liander in strijd heeft gehandeld met art. 23 E-wet door te weigeren een offerte uit te brengen voor drie afzonderlijke aansluitingen. De klachten van Ontwikkelaars worden gegrond verklaard.

Reacties

Laat een reactie achter