Ben je bezig met middelen voor de regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)? Let dan op. In mei worden naar verwachting de definitieve CDOKE-bedragen bekend voor 2026 en 2027. Deze uitvoeringsmiddelen worden rechtstreeks uitgekeerd aan het gemeentefonds. Omdat middelen uit het gemeentefonds in principe vrij besteedbaar zijn, is het belangrijk dat je de middelen in de begroting en voorjaarsnota reserveert voor klimaat en energie.

Voor de gewenste toewijzing is het handig om de beoogde inzet van mensen en middelen zo concreet mogelijk te onderbouwen. Bijvoorbeeld in de uitvoeringsparagraaf bij het warmteprogramma. De Handreiking uitvoeringsparagraaf is halverwege april beschikbaar. Op 20 april is er het Webinar: Zo maak je het warmteprogramma uitvoerbaar, dit webinar gaat over deze handreiking.
De definitieve CDOKE-bedragen volgen waarschijnlijk in de meicirculaire 2026. Deze middelen worden uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering (DU) in het gemeentefonds. Bij een DU is geen aparte verantwoording richting het Rijk nodig, zoals bij de speciale uitkering (SpUK) wel het geval was.
De hoogte van de bedragen voor de jaren 2028 tot en met 2030 zijn op zijn vroegst bekend in september 2026. Naar verwachting krijgen deze uitvoeringsmiddelen de vorm van een bijzondere fondsuitkering (BFU). Ook dat verloopt via het gemeentefonds. De juiste toewijzing voor klimaat en energie blijft dus nodig. De exacte invoeringsdatum en verantwoordingsmethodiek van de BFU is nog niet bekend.
Over beschikbare uitvoeringsmiddelen na 2030 is nog geen duidelijkheid. In het coalitieakkoord heeft het kabinet € 800 miljoen per jaar opgenomen voor de periode 2031 tot 2040. Dit is bestemd voor de Continuering uitvoering klimaatbeleid medeoverheden. Het parlement moet dit nog goedkeuren. Eind 2026 volgt hier bij de begrotingsbehandeling van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat meer nieuws over.
