Menu

Zoek op
rubriek
Klimaatweb
0

Manon van Beek (TenneT): "2030 is voor mij morgen, 2050 is volgende week"

TenneT is als landelijke netbeheerder cruciaal in de aanleg van het toekomstige duurzame elektriciteitsnetwerk in Nederland. Aan het roer staat Manon van Beek, die aanstuurt op trefzekerheid, actiegedrevenheid en een scherpe blik op de toekomst. ‘2030 is voor mij morgen, 2050 is volgende week. Het is belangrijk om steeds het grotere geheel in ogenschouw te nemen. Dat is uitdagend.’ – zegt Manon van Beek.

NVDE 9 september 2022

Om te bouwen aan het elektriciteitsnetwerk is ruimte nodig. En zowel op land als op zee wordt de ruimte steeds schaarser. Dus moeten goede afspraken gemaakt worden en de regels en procedures gevolgd worden. Daarbij is overleg en inspraak belangrijk en dat kost veel tijd. ‘Netbeheerders zetten volop in op versnelling van de uitvoer, maar hierbij speelt een tekort aan mensen en materialen en lange procedures zeker een rol. Ook kan niet op alle plekken in het net tegelijk worden gewerkt, omdat het van belang is dat ook tijdens de bouw voldoende capaciteit beschikbaar is om op een betrouwbare manier aan de elektriciteitsvraag te voldoen.’

Volgens Van Beek is het zaak om de goede balans te vinden waarbij zorgvuldig te werk wordt gegaan om uitdagingen van de energietransitie naar een klimaatneutraal energiesysteem te kunnen realiseren.

We begrepen dat u met oa de Koning naar een windpark op zee bent gegaan. Wat kreeg hij te zien?

We hebben op 25 augustus samen met o.a. Neptune Energy een werkbezoek georganiseerd voor de Koning. Aan de hand van verschillende locaties op de Noordzee hebben we de Koning laten zien welke ontwikkelingen er nu en in de komende jaren nodig zijn voor het energiesysteem van de toekomst. De Noordzee speelt een belangrijke rol in het toekomstig energiesysteem. Een energiesysteem waarin zowel elektronen als moleculen een belangrijke rol vervullen. We hebben het 700 megawatt transformatorplatform van TenneT en het bijbehorende windpark in aanbouw van Vattenfall bekeken. De stroom van de eerste turbines wordt al door het transformatorplatform omgezet en via kabels naar land gebracht, zodat het op het hoogspanningsnet terechtkomt. Verder hebben we gekeken naar het waterstofplatform van Neptune Energy, waar straks met een 1 megawatt elektrolyser wordt getest hoe je waterstof op zee kunt produceren. Ten slotte hebben we een bezoek gebracht aan het eerste offshore zonnepark op zee. Een leerzame en inspirerende dag voor alle aanwezigen!

De hele NVDE-staf was begin juli op bezoek bij TenneT in Arnhem en vergaapte zich aan de controlekamer. Het elektriciteitsnet is de meest complexe machine ooit gemaakt, hoorden we. Wat fascineert u aan dit systeem?

Dat we laten zien hoe complex het energiesysteem is. Aan de ene kant willen we onafhankelijk zijn van Russisch gas, aan de andere kant moeten we juist afhankelijker worden van elkaar binnen Europa om dit te realiseren.We moeten dus Intens met elkaar verbonden zijn. In Duitsland zeggen ze dat zo mooi: “Wir sind allen vernetzt.”

TenneT staat voor zijn grootste uitdaging ooit, om het hoogspanningsnet snel uit te breiden, waardoor een CO2-neutraal elektriciteitssysteem mogelijk wordt. Hoe zou u de sfeer binnen TenneT hierover omschrijven?

Trefzeker, actiegedreven, contemplatief en vol goede moed.

Waar ziet u de grootste kans voor TenneT het komende jaar? En wat is uw grootste zorg?

Het is niet zozeer een kans voor TenneT, maar een kans voor Nederland en Europa en eigenlijk een must om ervoor te zorgen dat we in 2030 niet met FOMO (fear of missing out) terugkijken op de afgelopen acht jaar.

Mensen die wat verder van de transitie af staan, snappen vaak niet waarom het tien jaar moet duren om hoogspanningsleidingen aan te leggen. Hoe legt u dat uit?

Nederland is een dichtbevolkt land. In ons land moeten we veel functies delen. Kijk maar op zee. Het is allereerst een gebied waar dieren en planten leven, maar ook wordt gebruikt voor scheepvaart, visserij, zandwinning, defensiegebieden, ankerplaatsen, windparken, kabels voor stroom en data. Zowel op land als op zee wordt de ruimte steeds schaarser en moet je dus goede afspraken maken en de regels en procedures volgen. Daarbij is overleg en inspraak belangrijk, zodat mensen betrokken worden en ruimte krijgen om hun zienswijze te geven op ontwikkelingen. Het betekent echter ook dat we vergunningaanvragen en veel procedures moeten doorlopen. Dat kost veel tijd. Netbeheerders zetten volop in op versnelling van de uitvoer, maar hierbij speelt een tekort aan mensen en materialen en lange procedures zeker een rol. Ook kan niet op alle plekken in het net tegelijk worden gewerkt, omdat het van belang is dat ook tijdens de bouw voldoende capaciteit beschikbaar is om op een betrouwbare manier aan de elektriciteitsvraag te voldoen. Het is dus zaak om de goede balans te vinden waarbij we zorgvuldig te werk gaan om de uitdagingen van de energietransitie naar een klimaatneutraal energiesysteem tijdig kunnen realiseren.

‘Het net is vol in Brabant en Limburg’ was in juni de alarmerende boodschap. Hoe kon dat gebeuren? En wat heeft deze noodkreet teweeg gebracht?

Wij zagen een piek aan nieuwe aanvragen. Binnen enkele maanden tijd kreeg TenneT voor 800 megawatt aan aanvragen binnen voor nieuwe aansluitingen. Dat is bijna evenveel als een compleet windpark op zee (750 MW), vier keer het vermogen van een stad als ‘s-Hertogenbosch en ongeveer twintig procent van het totale vermogen van de provincies Brabant en Limburg. TenneT merkt dat steeds meer bedrijven versneld willen overstappen van gas naar elektriciteit om te verduurzamen, mogelijk ook door de stijgende gasprijzen door de oorlog in Oekraïne. En daar lopen we dus tegen een mismatch aan. De verduurzaming van sommige bedrijven, maar ook de aanleg van bijvoorbeeld een zonnepark kan vaak binnen een jaar of 2, terwijl wij 8-10 jaar nodig hebben voor de uitbreiding van het net.

We horen steeds vaker dat het net vooral op papier vol zit. In welke mate is het net daadwerkelijke vol in de zuidelijke provincies? Waar zit de nuance?

In hoeverre veroorzaakt ‘handdoekje leggen’ (een grotere stroomaansluiting claimen, terwijl dat (nog) niet nodig is) dat het op papier lijkt alsof het net vol zit, terwijl dat nog niet zo is? Wat zijn naast ‘use-it-or-loose-it’ andere belangrijke oplossingen voor TenneT om de capaciteit te gebruiken die nog wel beschikbaar is in Brabant en Limburg?

Dit wordt allemaal in het lopende congestieonderzoek van Noord Brabant en Limburg meegenomen. De uitkomsten publiceren we rond half september. Een belangrijk deel van de oplossing zit in het uitbreiden van het elektriciteitsnet. Daar zijn we al mee bezig en ook de komende jaren wordt er in heel Nederland hard gewerkt aan het verzwaren en uitbreiden van het elektriciteitsnet. Daarnaast kunnen verschillende oplossingen bijdragen aan het creëren van ruimte op het net. Denk daarbij vooral aan het bij elkaar brengen van vraag en aanbod. Door opwek en vraag dicht bij elkaar te vestigen hoef je minder te transporteren. Een andere oplossing is het inbouwen van additionele financiële prikkels om bedrijven te stimuleren hun vraag te flexibiliseren. Congestiemanagement en flexibele aansluitcontracten kunnen er ook voor zorgen dat er ruimte ontstaat voor meer aansluitingen. Voor wat betreft use it or lose it wij zijn met alle betrokken partijen aan het kijken naar nieuwe contractvormen.

Wat vindt u van de NVDE? En waar zou de NVDE de komende jaren de focus op moeten leggen?

TenneT is al sinds de start in 2015 lid van de NVDE. Ik vind het vooral heel knap hoe snel de NVDE is gegroeid en zich direct heeft gepositioneerd in het maatschappelijk debat. De NVDE is een goed zichtbare partij die het aandurft om ook partijen die nog aan het begin van de transitie staan, te betrekken bij uitdaging. De komende jaren zullen we ons allemaal moeten inspannen om het draagvlak voor de energietransitie naar het energiesysteem van de toekomst te versterken. Iedereen zal zijn steentje moeten bijdragen. De NVDE kan met haar brede achterban in alle lagen van de maatschappij bijdragen aan beter begrip en draagvlak.

Initiatiefnemers van zonne- en windprojecten worden nu ontmoedigd als ze horen dat het net vol zit. Hoe kan TenneT met communicatie bijdragen aan het verminderen van dit effect?

De energietransitie zorgt voor enorme uitdagingen, we moeten ons ook realiseren dat ook na 2030 nog een lange weg te gaan is. Uiteindelijk gaan we alles aansluiten, alleen kan niet alles vandaag of morgen. Het is dus essentieel dat we samen kijken welke projecten er kunnen worden aangesloten en op welke plekken dit ook het meest efficiënt kan. Zorg dat je de productie van elektriciteit dichtbij de vraag ontwikkelt, zodat er minder geïnvesteerd hoeft te worden in het elektriciteitsnet. Iedereen betaalt immers mee aan de infrastructuur via zijn energierekening. Daarover voeren wij veel het gesprek.

Vindt u dat burgers en bedrijven in de toekomst een actievere rol moeten krijgen in het balanceren van het net en het tegengaan van congestie en zo ja hoe? En hoe kan dat verder gestimuleerd of sneller gerealiseerd worden?

Ja, zeker! Omdat we meer zon en wind in het duurzame energiesysteem krijgen, moeten we ons bewuster worden van het gebruik van elektriciteit op momenten dat er veel aanbod is. Als we ons gebruik aanpassen op het aanbod, zorgen we ervoor dat het energiesysteem zo efficient mogelijk wordt gebruikt. Een simpel voorbeeld: Als je thuis zonnepanelen hebt, gebruik dan de vaatwasser of wasmachine of laad je elektrische auto op als de zon schijnt.

Het kan ook via prijsprikkels. TenneT heeft samen met andere internationale partijen bijvoorbeeld al het platform Equigy opgezet. Hier kunnen consumenten en bedrijven deelnemen aan het balanceren van het net. Deelnemers krijgen dan met behulp van block chain technologie een vergoeding om het laden van een auto- of thuisbatterij flexibel te laten uitvoeren.

De plannen voor windenergie op zee zijn nog ambitieuzer geworden, 21 GW rond 2030. Hoe krijgen we al die stroom aan land? Welke rol zal waterstof spelen nog voor 2030?

Het energiesysteem van de toekomst heeft elektronen en moleculen nodig. De 21GW capaciteit van wind op zee komt voornamelijk aan land in de buurt van grote industrieclusters zoals Eemshaven, Maasvlakte en Borssele. Daar zal de elektriciteit moeten worden gebruikt. De industrie kan enerzijds verduurzamen door processen te elektrificeren, of door fossiele brandstoffen te vervangen door waterstof. We zien al veel initiatieven om zo snel mogelijk waterstof te ontwikkelen, maar er moet nog veel worden gedaan om elektrolysers op te schalen. De grootschalige toepassing van waterstof verwachten wij daarom pas na 2030.

Er wordt al jaren congestiemanagement toegepast: bedrijven kunnen biedingen doen om even geen stroom af te nemen, en krijgen daarvoor betaald. Wat zijn voor- en nadelen van dit systeem en hoe gaat dit zich in de komende jaren ontwikkelen? Zouden meer bedrijven actief mee moeten doen?

Met congestiemanagement verdelen we de beperkte ruimte op het elektriciteitsnet. Dit doen we op momenten dat de vraag naar transport van elektriciteit hoger is dan wat het elektriciteitsnet aankan. Is deze vraag op een bepaald tijdstip te groot? Dan verbruiken of leveren klanten tijdelijk minder elektriciteit. De ruimte die daarmee vrijkomt, wordt verdeeld onder andere gebruikers van het elektriciteitsnet. Zo ontstaat er meer ruimte op het elektriciteitsnet. We verwachten dat ook in de komende jaren meer congestiemanagement nodig zal zijn. Wij zouden graag ook zien dat de zon- en windparken ook gaan mee doen met het aanbieden van flexibel productie vermogen, met tevens de industrie in de vorm van flexibel afname vermogen. We zien hier wel een nadrukkelijke kans op weg naar de toekomst, waarin ook kleinere bedrijven als energieondernemer gaan optreden en flexibel omgaan met hun energie.

Het Nederlandse elektriciteitsnet is 99,99% beschikbaar, hoorden we. Kan dat niet een tandje minder met de huidige uitdagingen?

Leveringszekerheid is onze kerntaak. Dat is belangrijk voor het vestigingsklimaat in Nederland.

Er wordt gewerkt aan tijdgebonden stroomcontracten voor bedrijven, non-firm ATO’s. Zodat ze goedkoper stroom krijgen, maar op piekmomenten even niet. Wat staat snelle invoering in de weg? En is dit ook gewenst voor consumenten?

Flexibilisering is de sleutel. Prijsprikkels helpen hierbij. Een variabel stroomtarief kan zeker ook het beter benutten van het elektriciteitsnet stimuleren.

Eigenlijk bent u vooral trendwatcher, want TenneT moet altijd tien jaar vooruitkijken. Leuk?

2030 is voor mij morgen, 2050 is volgende week. Het is belangrijk om steeds het grotere geheel in ogenschouw te nemen. Dat is uitdagend.

Hoe duurzaam woont en reist u zelf, en wat staat nog op het wensenlijstje?

Zelfvoorzienend ben ik nog niet, maar daar ligt wel een wens. Ik rijd al jaren elektrisch en ik leg korte afstanden het liefste lopend af. Ik reis veel voor mijn werk en probeer daarbij zoveel mogelijk vliegen te voorkomen maar helaas lukt dit niet altijd.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter