Menu

Zoek op
rubriek
Klimaatweb
0

Staatssteun: Commissie keurt nieuwe richtlijnen staatsteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie goed

Het college van commissarissen heeft vandaag de nieuwe richtlijnen staatsteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie (de “CEEAG”) goedgekeurd. De CEEAG zullen in januari 2022 formeel worden aangenomen en zullen vanaf dat moment van toepassing zijn. De nieuwe regels worden afgestemd op de belangrijke doelstellingen en streefcijfers van de EU die zijn vastgesteld in de Europese Green Deal en op andere recente veranderingen in de regelgeving op het gebied van energie en milieu, en houden rekening met het toegenomen belang van klimaatbescherming. De nieuwe regels creëren een flexibel en geschikt kader om de lidstaten te helpen de nodige steun te verlenen om de doelstellingen van de Europese Green Deal op een doelgerichte en kosteneffectieve manier te verwezenlijken.

Europese Commissie 21 december 2021

Nieuws-persbericht

Nieuws-persbericht


Uitvoerend vicevoorzitter Margrethe Vestager, belast met het mededingingsbeleid: “Europa zal een aanzienlijke hoeveelheid duurzame investeringen nodig hebben om de groene transitie te ondersteunen. Hoewel een aanzienlijk deel van die middelen uit de particuliere sector zal komen, zal overheidssteun er mee voor moeten zorgen dat de groene transitie er snel komt. Met de nieuwe richtlijnen die vandaag zijn goedgekeurd, worden alle inspanningen die wij leveren om onze samenleving te decarboniseren, nog vergroot. Dankzij onder meer het faciliteren van investeringen van lidstaten, ook in hernieuwbare energie, kan onze Green Deal sneller en op een kosteneffectieve manier worden verwezenlijkt. Dit is een belangrijke stap om ervoor te zorgen dat onze staatssteunregels ten volle hun rol spelen bij de ondersteuning van de Europese Green Deal.”

De vandaag goedgekeurde staatsteunregels ondersteunen projecten op het gebied van milieubescherming, met inbegrip van klimaatbescherming en productie van groene energie. Zij bevatten delen om de decarbonisatie van de economie breed en flexibel te ondersteunen, met gebruikmaking van alle technologieën die kunnen bijdragen aan de Europese Green Deal, met inbegrip van hernieuwbare energiebronnen, energie-efficiëntiemaatregelen, steun voor schone mobiliteit, infrastructuur, circulaire economie, vermindering van verontreiniging, bescherming en herstel van de biodiversiteit, en maatregelen om de leveringszekerheid van energie te waarborgen. Deze regels willen de lidstaten ook helpen om hun ambitieuze EU-doestellingen inzake energie en klimaat te verwezenlijken tegen zo laag mogelijke kosten voor de belastingbetaler en zonder buitensporige vervalsing van de mededinging op de eengemaakte markt. De richtlijnen willen ook de betrokkenheid van hernieuwbare-energiegemeenschappen en het mkb faciliteren, aangezien zij belangrijke aanjagers van de groene transitie zijn.

De herziene richtlijnen bevatten belangrijke aanpassingen om de regels af te stemmen op de strategische prioriteiten van de Commissie, met name die van de Europese Green Deal, en op andere recente wijzigingen in de regelgeving en de voorstellen van de Commissie op het gebied van energie en milieu, waaronder het pakket “Fit for 55”.

De richtlijnen staatssteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie houden met name in:

  • Het uitbreiden van de categorieën investeringen en technologieën die de lidstaten kunnen ondersteunen tot alle technologieën die de Europese Green Deal kunnen verwezenlijken. Een nieuw deel heeft betrekking op het verminderen of voorkomen van broeikasgasemissies, het faciliteren van de evaluatie van maatregelen ter ondersteuning van de decarbonisatie van verschillende economische sectoren, onder meer door investeringen in hernieuwbare energie, energie-efficiëntie in productieprocessen en decarbonisatie van de industrie, in overeenstemming met de Europese klimaatwet. Met de herziene regels worden in het algemeen steunbedragen mogelijk die tot 100 % van de financieringskloof dekken, in het bijzonder als steun wordt verleend na een concurrerende inschrijvingsprocedure, en worden nieuwe steuninstrumenten ingevoerd, zoals carbon contracts for difference (CCfD) om de lidstaten te helpen tegemoet te komen aan de vergroeningsbehoeften van de industrie.

  • Betrekking hebben op heel wat gebieden die essentieel zijn voor de Green Deal. Dit betekent nieuwe en geactualiseerde delen over steun voor het voorkomen of verminderen van niet door broeikasgassen veroorzaakte verontreiniging, waaronder geluidshinder, steun voor hulpbronnenefficiëntie en circulaire economie, en steun voor biodiversiteit en voor het herstel van milieuschade. Bovendien bevatten de CEEAG specifieke delen over steun ter stimulering van investeringen op vlaggenschipgebieden zoals de energieprestatie van gebouwen, en schone mobiliteit, die betrekking heeft op alle vervoerswijzen.

  • Het wijzigen van de huidige regels inzake verlagingen van bepaalde elektriciteitsheffingen voor energie-intensieve gebruikers. De regels zijn bedoeld om het risico te beperken dat activiteiten in bepaalde sectoren als gevolg van deze heffingen worden verplaatst naar locaties waar er geen of minder ambitieuze milieuvoorschriften gelden dan in de EU. Omdat op het gebied van decarbonisatie grotere inspanningen nodig zijn om de klimaatdoelstellingen van de EU te halen, hebben de CEEAG betrekking op verlagingen van alle heffingen ter financiering van decarbonisatie en sociaal beleid. Om de lidstaten in staat te stellen een gelijk speelveld te handhaven, stroomlijnen de CEEAG bovendien het aantal in aanmerking komende sectoren op basis van objectieve indicatoren op sectorniveau. De regels zijn ook herzien om de geleidelijke decarbonisatie van deze ondernemingen beter te ondersteunen, onder meer door heffingskortingen te koppelen aan de toezeggingen van de begunstigden om hun koolstofvoetafdruk te verkleinen.

  • Het invoeren van de nodige garanties dat de steun ook echt gaat naar waar hij nodig is om de klimaat- en milieubescherming te verbeteren, dat hij beperkt blijft tot hetgeen nodig is om de milieudoelstellingen te bereiken en dat hij de mededinging of de integriteit van de eengemaakte markt niet verstoort. Zo krijgen belanghebbenden in de CEEAG bijvoorbeeld een grotere rol bij de vormgeving van grote steunmaatregelen doordat lidstaten verplicht worden belanghebbenden te raadplegen over de belangrijkste aspecten ervan.

  • Het waarborgen van samenhang met relevante EU-wetgeving en EU-beleid op het gebied van milieu en energie, onder meer door het stopzetten van subsidies voor de meest vervuilende fossiele brandstoffen, waarvoor gezien hun grote negatieve milieueffecten een positieve beoordeling door de Commissie onwaarschijnlijk is. Maatregelen die nieuwe investeringen in aardgas inhouden, maken weinig kans om te worden goedgekeurd tenzij kan worden aangetoond dat de investeringen verenigbaar zijn met de klimaatdoelstellingen van de Unie voor 2030 en 2050 en faciliteren dat een transitie plaatsvindt weg van meer vervuilende brandstoffen zonder dat we vast zitten aan technologieën die de ruimere ontwikkelen van schone oplossingen belemmeren. De CEEAG bevatten ook een nieuw deel over steun voor de sluiting van steenkool-, turf- en schalieoliecentrales om de decarbonisatie van de energiesector te vergemakkelijken.

  • Het zorgen voor meer flexibiliteit en stroomlijning van de eerdere regels, onder meer door het afschaffen van de verplichte individuele aanmeldingen voor grote groene projecten binnen al door de Commissie goedgekeurde steunregelingen.

Proces

De nieuwe richtlijnen staatsteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie zijn gebaseerd op een evaluatie van de bestaande regels, de richtlijnen staatssteun energie en milieu (EEAG), die is uitgevoerd in het kader van de geschiktheidscontrole van staatssteun en een studie door externe consultants. De Commissie hield ook een uitgebreide raadpleging van alle belanghebbende partijen over de voorgestelde herziene regels, die meer dan 700 bijdragen heeft opgeleverd. Hierbij waren lidstaten, ondernemersorganisaties, belangengroepen, afzonderlijke bedrijven, ngo's en burgers betrokken. De herziening weerspiegelt ook de ervaring die de Commissie de afgelopen jaren heeft opgedaan met haar beschikkingspraktijk.

In het najaar van 2020 heeft de Commissie ook een Europees debat op gang gebracht over de wijze waarop het mededingingsbeleid de doelstellingen van de Europese Green Deal verder kan ondersteunen, om ervoor te zorgen dat de mededingingsregels en het duurzaamheidsbeleid zo goed mogelijk samenwerken. Dat ging van start met een oproep tot het indienen van bijdragen en in februari 2021 organiseerde uitvoerend vicevoorzitter Margrethe Vestager een conferentie. De ontvangen bijdragen zijn verwerkt in de nieuwe richtlijnen.

Volgende stappen

De herziene richtlijnen zullen formeel worden aangenomen zodra alle taalversies beschikbaar zijn. Zij zullen vanaf dat moment van toepassing zijn.

Achtergrond

De richtlijnen staatsteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie (CEEAG) zullen, zodra zij formeel zijn aangenomen, in de plaats komen van de bestaande richtlijnen staatssteun ten behoeve van energie en milieu (EEAG) en zullen van toepassing zijn op elke beslissing die de Commissie na de vaststelling ervan neemt. De lidstaten zullen bestaande regelingen vanaf 2024 in overeenstemming moeten brengen met de nieuwe regels. In de richtlijnen worden de voorwaarden vastgesteld waaronder door de lidstaten verleende staatssteun op het gebied van klimaat, milieubescherming en energie als verenigbaar met de interne markt kan worden beschouwd en de criteria voor de Commissie om de steun van de lidstaten op deze gebieden te beoordelen.

De bepalingen van de richtlijnen worden aangevuld met de algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV), waarin wordt vastgesteld op basis van welke ex-ante verenigbaarheidsvoorwaarden de lidstaten steunmaatregelen ten uitvoer kunnen leggen zonder voorafgaande aanmelding bij de Commissie.

Voor de AGVV-bepalingen inzake steun op het gebied van klimaat, milieubescherming en energie loopt momenteel een gerichte herziening. Die herziening heeft tot doel groene investeringen verder te vergemakkelijken door het toepassingsgebied van maatregelen waarvoor een groepsvrijstelling geldt, uit te breiden tot steun voor investeringen in nieuwe technologieën, zoals waterstof en koolstofafvang en -opslag of -gebruik, en voor gebieden die essentieel zijn voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de Europese Green Deal, zoals hulpbronnenefficiëntie en biodiversiteit. Bovendien is de herziening van de algemene groepsvrijstellingsverordening gericht op een verdere verfijning van de bepalingen inzake steun voor investeringen in vlaggenschipgebieden zoals energieprestaties van gebouwen en oplaad- en tankinfrastructuur voor schone mobiliteit, die reeds zijn ingevoerd in het kader van de gerichte herziening van de algemene groepsvrijstellingsverordening in juli 2021. Ten slotte zullen de regels flexibeler worden wat betreft de definitie van in aanmerking komende kosten en steunintensiteiten. Van 6 oktober tot en met 8 december 2021 vond een openbare raadpleging plaats over de voorgestelde wijzigingen van de desbetreffende bepalingen van de algemene groepsvrijstellingsverordening.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter