Menu

Filter op
content
PONT Klimaat

0

De beantwoording van de prejudiciële vragen over de toepassing van houten telefoonpalen (HvJ EU, 7 maart 2013, C-358/11; ECLI:EU:C:2013:142) bevat relevante inzichten over de mogelijkheid van het hergebruiken van gevaarlijke afvalstoffen en de relatie tussen REACH-verordening (Registration, Evaluation and Authorisation of Chemicals) en de Kaderrichtlijn afvalstoffen.

De Finse overheid wil in Lapland een verbindingsroute van circa 35 km voor onder meer quads herstellen. Dit pad loopt grotendeels door een Natura 2000-gebied. In de route wil men voor de bruggen gebruikmaken van voormalige telefoonpalen die behandeld zijn met een CCA-oplossing (welke de zware metalen koper, chroom en arseen bevat). Een natuurbeschermingsorganisatie gaat naar de rechter omdat zij meent dat de palen gevaarlijke afvalstoffen zijn en daarom niet mogen worden (her)gebruikt. De hoogste administratieve rechter stelt zeven prejudiciële vragen aan het Europees Hof van Justitie. Deze vragen hebben betrekking op de werkingssfeer van de REACH-verordening (in relatie tot de Kaderrichtlijn afvalstoffen 2008/98.

Het Hof oordeelt dat de REACH-verordening los staat van de Kaderrichtlijn afvalstoffen 2008/98, omdat afvalstoffen als omschreven in de richtlijn 2008/98 volgens artikel 2, lid 2, van de REACH-verordening niet als stof, mengsel of voorwerp in de zin van artikel 3 van die verordening kunnen worden aangemerkt. Daarom moet eerst worden vastgesteld of er hier sprake is van afvalstoffen. Dat is volgens het Hof niet zonder meer het geval. Het Hof spreekt uit dat het Unierecht het in beginsel niet uitsluit dat een als gevaarlijk aangemerkte afvalstof niet altijd een afvalstof blijft in de zin van de richtlijn 2008/98 wanneer zij door middel van een behandeling voor nuttige toepassing bruikbaar kan worden gemaakt, zonder dat dit gevaar oplevert voor de menselijke gezondheid en nadelige gevolgen heeft voor het milieu. Daarbij is voorts van belang dat de houder van het betrokken voorwerp zich ervan ontdoet dan wel voornemens of verplicht is zich ervan te ontdoen. Op het moment dat door de verwijzende rechter kan worden vastgesteld dat er geen sprake is van een afvalstof (hiervoor moet nader onderzoek plaatsvinden), vallen de met CCA-oplossing behandelde palen onder het bereik van de REACH-verordening en kunnen zij in bepaalde gevallen toegepast worden. De REACH-verordening staat het gebruik van met CCA-oplossing behandeld hout (zijnde geen afvalstof) voor bepaalde (nader omschreven) toepassingen namelijk toe. Hierbij is onder meer bepalend of bij de toepassing gevaar voor herhaald huidcontact bestaat. Voor de vragen over het toepassingsbereik van de REACH-verordening wordt aangegeven dat de bijlage met aangegeven toepassingen een limitatief karakter heeft. Het Hof geeft aan dat het aan de verwijzende rechter is om op basis van concrete omstandigheden te beoordelen of het gebruik onder de genoemde toepassingen valt en of er sprake kan zijn van herhaald huidcontact.